Skip naar content

De impact van Erasmus+ en eTwinning op scholen

Kinderen groeien op in een wereld die niet stopt bij de grens. Op school maken kinderen kennis met andere culturen, met andere talen en andere landen. Internationalisering in het onderwijs is geen extraatje meer, maar een belangrijk onderdeel voor kwalitatief goed onderwijs. Het programma Erasmus+ en eTwinning ondersteunen scholen in het primair en voortgezet onderwijs om internationalisering mogelijk te maken. Maar wat is de impact van de programma's?

Over het onderzoek 

Het onderzoek ‘De Impact van Erasmus+ en eTwinning op scholen’ geeft antwoord op die vraag. Het onderzoek gaat in op hoe Erasmus+ en eTwinning bijdragen aan de inbedding van internationalisering in het onderwijs, de kwaliteit van onderwijs en de ontwikkeling van internationale competenties bij zowel leraren als leerlingen. Het onderzoek is uitgevoerd door Ockham IPS in opdracht van het Nationaal Agentschap Erasmus+ Onderwijs & Training en gepubliceerd in 2022. 

Cijfers en verhalen uit de praktijk

Om de impact van beide programma's in kaart te brengen, is een grootschalige enquête uitgevoerd onder 750 scholen die tussen 2014 en 2019 hebben deelgenomen aan Erasmus+ of eTwinning. De respons van 191 scholen, zowel in het primair als voortgezet onderwijs, werd aangevuld met vier verdiepende casestudies in Bergen op Zoom, Den Haag, Elsloo en Zwolle. Daarin vonden interviews plaats met directies, coördinatoren, leraren en leerlingen. 

De resultaten laten een positief beeld zien van de meerwaarde van de programma’s:

  • Organisatorische inbedding: scholen bevinden zich in verschillende fasen van inbedding van internationalisering binnen hun school. In het primair onderwijs is de organisatorische inbedding lager dan in het voortgezet onderwijs, maar het primair onderwijs is wel verder in het gebruik van internationalisering.
  • Erasmus+ en eTwinning: zowel in het primair als voortgezet onderwijs dragen zowel Erasmus+ and eTwinning bij aan de ontwikkeling van de organisatie, leraren en kwaliteit van specifieke thema's in het onderwijs. In het primair onderwijs is er voornamelijk impact op de inhoud, terwijl in het voortgezet onderwijs de impact meer ligt op de organisatie.
  • Impact van beide programma's: de impact van de programma's is vooral terug te zien binnen de eigen organisatie, gevolgd door (lokale) beleidsontwikkeling. Het delen van kennis en ervaringen met andere scholen komt op de derde plek.
  • Scholen zijn positief over Erasmus+ en eTwinning: het kost tijd om mee te doen met het programma Erasmus+ en eTwinning, maar de meerderheid van de scholen is van mening dat de investering opweegt tegen de wat de programma's opleveren.

Zelf aan de slag met internationalisering? 

De resultaten van het onderzoek laten zien dat internationalisering niet het doel is, maar een middel om kwaliteit van het onderwijs en persoonlijke groei van zowel leraren als leerlingen te versterken.