Nieuwe aanvraagronde voor centrale actie Policy Experimentation
Elk jaar worden de centrale acties verrijkt met wisselend Policy Experimentations of Forward Looking Projects. In 2026 is het weer de beurt aan Policy Experimentations. De aanvraagronde bestaat uit tien verschillende onderwerpen en heeft een deadline van 8 april 2026, 17.00 uur. We lichten de onderwerpen toe.
De tien onderwerpen binnen Policy Experimentation
- Digital Education Content: success factors in decision making and use by teachers, trainers and school/institution leaders
- Digital Education: public private partnerships for ethical design, development and use of Artificial Intelligence tools in education and training
- Digital Education: AI-powered personalised learning pathways for basic skills
- Micro-credentials – focus on eco-systems
- School education: STEM education centres
- School education: proficiency in basic skills
- Vocational Education and Training: developing basic skills in Vocational Education and Training
- Vocational Education and Training: improving transparency and recognition of VET qualifications
- Adult Education: support to the regional skills partnerships in the Pact for Skills
- Adult Education: motivation in motion – empowering adults to up- and reskilling
Focus op digitalisering, (basis)vaardigheden en STEM
De tien onderwerpen sluiten aan bij de huidige focus binnen Erasmus+ op digitalisering, (basis)vaardigheden en STEM. Voor de aanvraagronde van 2026 is een totaalbudget gereserveerd van € 54 miljoen, wat varieert van 2 tot 9 miljoen per onderwerp.
Meer over Policy Experimentation
Policy Experimentation valt onder de centrale acties binnen het programma Erasmus+. Dat houdt in dat deze actie in beheer is van het Uitvoerend Europees Agentschap EACEA. Binnen Policy Experimentations worden grensoverstijgende samenwerkingsprojecten aangegaan die beleidsprioriteiten in meerdere landen moeten aanpakken. Tijdens een project wordt een aanpak ontwikkeld en getoetst op relevantie, effectiviteit, potentiële impact en schaalbaarheid van activiteiten. Uiteindelijk moeten de samenwerkingen leiden tot het vormen van beleid op Europees niveau, dat gebaseerd is op de behaalde resultaten.